Onderhoud

background image

Onderhoud

Uw apparaat is een product van toonaangevend ontwerp en vakmanschap en
moet met zorg worden behandeld. De tips hieronder kunnen u helpen om de
garantie te behouden.

Houd alle accessoires en toebehoren buiten het bereik van kleine kinderen.

Houd het apparaat droog. Neerslag, vochtigheid en allerlei soorten
vloeistoffen of vocht kunnen mineralen bevatten die corrosie van
elektronische schakelingen veroorzaken. Wordt het apparaat toch nat, laat het
dan volledig opdrogen.

Probeer niet de batterij uit het apparaat te verwijderen. Nokia adviseert u om
het apparaat naar het dichtstbijzijnde bevoegde servicepunt te brengen als u
de batterij wilt vervangen.

Gebruik of bewaar het apparaat niet op stoffige, vuile plaatsen. De bewegende
onderdelen en elektronische onderdelen kunnen beschadigd raken.

Bewaar het apparaat niet op plaatsen waar het heet is. Hoge temperaturen
kunnen de levensduur van elektronische apparaten bekorten, batterijen
beschadigen en bepaalde kunststoffen doen vervormen of smelten.

Bewaar het apparaat niet op plaatsen waar het koud is. Wanneer het apparaat
weer de normale temperatuur krijgt, kan binnen in het apparaat vocht
ontstaan, waardoor elektronische schakelingen beschadigd kunnen raken.

Probeer het apparaat niet open te maken.

Laat het apparaat niet vallen en stoot of schud niet met het apparaat. Een ruwe
behandeling kan de interne elektronische schakelingen en fijne mechaniek
beschadigen.

Gebruik geen agressieve chemicaliën, oplosmiddelen of sterke
reinigingsmiddelen om het apparaat schoon te maken.

Verf het apparaat niet. Verf kan de bewegende onderdelen van het apparaat
blokkeren en de correcte werking belemmeren.

Gebruik alleen de meegeleverde of een goedgekeurde vervangingsantenne.
Niet-goedgekeurde antennes, aanpassingen of toebehoren kunnen het
apparaat beschadigen en kunnen in strijd zijn met de regelgeving met
betrekking tot radioapparaten.

Deze tips gelden voor het apparaat, de batterij, de lader en andere toebehoren.
Neem contact op met het dichtstbijzijnde bevoegde servicepunt als enig
apparaat niet goed werkt.